Kennisbank
Honger- en dorststaking
Welke rechten heeft u bij een honger- of dorststaking in detentie, welke medische zorg hoort daarbij en wanneer mag dwangvoeding worden toegepast?
Een honger- of dorststaking in detentie kan ernstige gevolgen hebben voor uw gezondheid. De inrichting moet zorg bieden, maar ook rekening houden met uw recht om over uw eigen lichaam te beslissen. Vooral bij dwangvoeding vraagt dit om een zorgvuldige afweging: een staking geeft niet automatisch toestemming voor behandeling tegen uw wil.
Wat is een honger- of dorststaking?
Bij een hongerstaking weigert iemand voedsel uit protest, niet omdat diegene wil overlijden. Het doel is verandering van omstandigheden. Een hongerstaking is daarom niet hetzelfde als een zelfmoordpoging, ook al kan de staker overlijden als uiterste gevolg aanvaarden.
Bij een dorststaking wordt naast voedsel ook vocht geweigerd. Het lichaam gaat dan snel achteruit. Dit kan al binnen enkele dagen levensbedreigend worden. Ook langdurige voedselweigering kan ernstige, blijvende schade en uiteindelijk overlijden veroorzaken.
Zelfbeschikking en toestemming voor behandeling
Zelfbeschikking betekent dat u in beginsel zelf beslist wat er met uw lichaam gebeurt. De bescherming van uw persoonlijke levenssfeer en lichaam ligt vast in de artikelen 10 en 11 van de Grondwet.
De Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst, de WGBO, geldt ook in detentie. Volgens artikel 7:450 lid 1 Burgerlijk Wetboek moet een zorgverlener vóór een medische behandeling uw toestemming verkrijgen.
Een schriftelijke weigering voor later
U kunt schriftelijk vastleggen welke behandeling u weigert wanneer u later niet meer zelf kunt beslissen. Artikel 7:450 lid 3 BW verplicht de arts zo’n verklaring te respecteren, behalve bij gegronde redenen om daarvan af te wijken.
Dat uw weigering ernstige of zelfs fatale gevolgen kan hebben, is op zichzelf geen voldoende reden om de verklaring te negeren. Daarvoor is een bijzondere omstandigheid nodig. Een voorbeeld is dat het doel van uw hongerstaking inmiddels is bereikt, terwijl u dat nog niet weet.
De circulaire *Gedetineerden in hongerstaking* uit 1985 stelt eveneens de eigen wil van de gedetineerde centraal. U kunt zich op deze richtlijn beroepen. Na een uitdrukkelijke voedselweigering moet zorgvuldig met uw beslissing worden omgegaan en moet de zorg lichamelijke en psychische schade zoveel mogelijk beperken.
Gevangeniswezen: zorg en gedwongen behandeling
Recht op medische verzorging
Artikel 42 Penitentiaire beginselenwet, afgekort Pbw, regelt uw recht op medische verzorging. Gewoonlijk krijgt u die van artsen die aan de inrichting verbonden zijn.
De inrichtingsarts heeft een bijzondere positie: hij behandelt u, maar werkt ook binnen de inrichting waartegen uw protest mogelijk is gericht. De vertrouwensrelatie kan daardoor onder druk staan. Voor dwanghandelingen worden doorgaans politieartsen of GGD-artsen ingeschakeld. Volgens de toelichting op de wet kunnen ook zij als een aan de inrichting verbonden arts optreden.
Wanneer kan artikel 32 Pbw worden gebruikt?
Artikel 32 lid 1 Pbw biedt een wettelijke mogelijkheid voor behandeling zonder toestemming. De directeur kan u verplichten een medische handeling te ondergaan wanneer een arts die absoluut noodzakelijk vindt om ernstig gevaar voor uw gezondheid of veiligheid, of die van anderen, af te wenden.
Bij ernstig gevaar kan het gaan om:
- levensgevaar;
- gevaar voor ernstige zelfverminking;
- gevaar voor blijvende invaliditeit.
Ook het toedienen van vocht of voeding valt volgens de wetsgeschiedenis onder een medische handeling. Daarbij blijft de eigen wil het uitgangspunt. Wanneer iemand niet in staat is een dergelijke beslissing te nemen of de gevolgen daarvan te begrijpen, kan gedwongen voeding op grond van artikel 32 Pbw mogelijk zijn. De eis van medische noodzaak blijft gelden.
Een besluit van de directeur verplicht de arts niet om dwangvoeding uit te voeren. De arts beoordeelt zelfstandig, vanuit zijn medische deskundigheid, of ingrijpen aangewezen is.
Justitiële jeugdinrichtingen
Voor justitiële jeugdinrichtingen geldt de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen. Bij dit onderwerp zijn de artikelen 32 en 37 van die wet relevant. Ook in detentie geldt het uitgangspunt van toestemming voor medische handelingen uit artikel 7:450 BW. De bepalingen uit de Pbw mogen niet zonder meer als regels voor een jeugdinrichting worden behandeld.
Tbs en forensische zorg
Voor ter beschikking gestelden zijn de artikelen 21 en 26 van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden relevant. Ook hier spelen de bescherming van het lichaam en de regels over toestemming voor medische behandeling een rol. Artikel 32 Pbw is niet de algemene wettelijke grondslag voor alle vormen van detentie of forensische zorg.
Dwangvoeding en medische beroepsregels
Dwangvoeding betekent dat iemand tegen zijn wil vocht of voeding krijgt toegediend. Een infuus kan onder meer vocht, mineralen en medicijnen toedienen. Voor volledige voeding kan een maagsonde worden gebruikt: een slangetje dat via de neus naar de maag loopt.
Bij verzet kan het inbrengen en laten zitten van een sonde gepaard gaan met fixatie, waarbij iemand wordt vastgehouden of vastgezet. Dwangvoeding brengt risico’s mee en grijpt vergaand in op de lichamelijke integriteit.
Verklaringen van Tokyo en Malta
De World Medical Association heeft medische richtlijnen opgesteld in de Verklaring van Tokyo uit 1975 en de Verklaring van Malta uit 1991. Deze verklaringen zijn niet juridisch bindend, maar hebben internationaal veel gezag. Malta is herzien in 1992, 2006 en 2017.
Artikel 6 van de Verklaring van Tokyo verbiedt dwangvoeding bij een wilsbekwame hongerstaker. Wilsbekwaam betekent hier dat iemand een redelijk oordeel kan vormen over de gevolgen van de staking. Minstens één andere, onafhankelijke arts moet die bekwaamheid bevestigen. Ook de KNMG adviseert artsen zwaarwegend om niet mee te werken aan dwangvoeding van wilsbekwame gedetineerden.
De Verklaring van Malta sluit hierbij aan. Bij bewusteloosheid en het ontbreken van een wilsverklaring kan voeding zonder actuele toestemming alleen worden toegediend wanneer dat voor de gezondheid noodzakelijk wordt geacht.
Bewusteloosheid maakt een eerdere weigering niet vanzelf ongeldig. Als iemand goed is voorgelicht, ook over het risico op coma, en bewust blijft weigeren, moet die eerdere beslissing worden meegewogen wanneer daadwerkelijk een coma ontstaat.
Mensenrechten en rechtspraak over dwangvoeding
Artikel 2 EVRM verplicht de overheid het leven te beschermen. Artikel 3 EVRM verbiedt onmenselijke of vernederende behandeling. Die verplichtingen moeten bij dwangvoeding samen worden bekeken.
In de zaak *X tegen Duitsland* oordeelde de Europese Commissie dat gedwongen voeding vernederende elementen kan bevatten, maar niet onder alle omstandigheden verboden is. Uit de rechtspraak van het Europese Hof, waaronder *Nevmerzhitsky tegen Oekraïne* en *Ciorap tegen Moldavië*, volgen drie voorwaarden:
- De medische noodzaak moet overtuigend vaststaan.
- Het besluit moet rechtsgeldig zijn genomen.
- De uitvoering moet zo weinig mogelijk belastend zijn.
Er mag niet meer dwang worden gebruikt dan nodig. Een pijnlijke en vernederende uitvoering is niet toegestaan.
In *Ceesay tegen Oostenrijk* uit 2018 overleed een hongerstakende gedetineerde aan een bijzondere aandoening, niet aan de hongerstaking. Het Hof stelde geen schending van artikel 2 of 3 EVRM vast. De autoriteiten hadden gedaan wat mogelijk was om overlijden te voorkomen. Er waren geen aanwijzingen voor de aandoening en ook de gedetineerde kende die niet.
Medische begeleiding in de inrichting
Veel inrichtingen werken met protocollen die aansluiten bij de richtlijnen van de Johannes Wier Stichting. De handleiding uit 2000 is in 2019 vervangen door afzonderlijke documenten over de vertrouwensarts, medische begeleiding en juridische aspecten. De werkwijze hieronder betreft zulke protocollen; een protocol vervangt de wettelijke voorwaarden voor een maatregel niet.
Melding en voorlichting
Het personeel moet voedsel- of vochtweigering snel doorgeven aan de medische dienst. Ook arts en directie moeten zo spoedig mogelijk worden geïnformeerd. Vaak krijgt de commissie van toezicht bericht, maar dat is juridisch niet verplicht.
De reden voor de weigering moet worden nagegaan. De verpleegkundige registreert de weigering van voedsel, vocht en eventueel medicatie. De voorlichting gaat over gezondheidsrisico’s, mogelijke observatieplaatsing en eventuele ziekenhuisopname. Daarbij is een collega of beveiligingsmedewerker aanwezig.
Na de uitleg wordt gevraagd een formulier te ondertekenen over de bewuste weigering en de besproken risico’s. Bij weigering om te tekenen ondertekenen een medewerker en een collega het formulier.
Gesprekken en controles
Volgens de beschreven werkwijze spreekt de arts u de eerstvolgende dag, met een verpleegkundige of doktersassistente en zo nodig een tolk. De arts beoordeelt risicofactoren en legt de gevolgen in begrijpelijke taal uit.
Op de meldingsdag worden bloeddruk, pols en gewicht vastgelegd. Het afdelingspersoneel registreert dagelijks wat u eet en drinkt; de verpleegkundige verwerkt dit in het medisch dossier. Bij voedselweigering volgt volgens deze werkwijze wekelijks een oproep door de verpleegkundige.
Bij dorststaking zijn er dagelijks meerdere verpleegkundige observaties. Daarbij worden onder meer bloeddruk, pols, gewicht, temperatuur, psychische toestand en andere klachten beoordeeld. Arts en directeur overleggen over overplaatsing naar een observatiecel, penitentiair ziekenhuis of andere inrichting.
De beschreven werkwijze voorziet bij vochtweigering na 24 uur in plaatsing in een isoleercel met cameratoezicht. Hiervoor blijven de wettelijke eisen gelden. Personeel moet meerdere keren per dag eten en drinken aanbieden. Eten wordt na een half uur weggehaald; drinken blijft beschikbaar.
Vertrouwensarts en wilsverklaring
Een staker heeft recht op een vertrouwensarts. Die kan via MedTzorg worden ingeschakeld en moet onafhankelijk kunnen handelen en informatie verkrijgen. Uw vertrouwen in deze arts is daarbij noodzakelijk.
In een schriftelijke wilsverklaring legt u vast:
- waarom u voedsel of vocht weigert;
- of uw familie of advocaat bericht moet krijgen;
- dat u vrijwillig beslist en de gevolgen begrijpt;
- wat u wenst bij bewustzijnsverlies.
De arts bespreekt regelmatig of de verklaring nog uw actuele wensen weergeeft. Weigert u deze verklaring te ondertekenen, dan ondertekenen de arts en een andere medewerker haar. Dat lost niet automatisch alle vragen over uw behandelwensen op.
Herstel en nazorg
Na beëindiging van de staking blijft medische begeleiding nodig. De richtlijn van de Johannes Wier Stichting rekent bij een hongerstaking van meer dan drie weken op een herstelperiode van drie maanden.
Te snel weer eten kan het *refeeding-syndroom* veroorzaken: een aandoening die bij ernstige ondervoeding kan optreden wanneer iemand plotseling weer voeding krijgt. Medisch begeleid herstel is daarom nodig. Dagelijkse controle van pols, bloeddruk, gewicht en vochtbalans wordt aangeraden. Wekelijkse begeleiding moet nog enkele maanden doorgaan.
Een hoogwaardig eiwitproduct, zoals Nutridrink, kan bij herstel van belang zijn. De nazorg moet terug te vinden zijn in het medisch dossier. Ook de RSJ heeft in uitspraken van 20 december 2013 aandacht besteed aan begeleiding en herstel.
Klagen over behandeling of maatregelen
Voor klachten over het medisch handelen van de inrichtingsarts geldt de route van de artikelen 71b en 71c Pbw. Eerst vraagt u schriftelijk bemiddeling aan bij de Medisch Adviseur. Deze probeert binnen vier weken een aanvaardbare oplossing te bereiken. Lukt dat niet, dan kunt u beroep instellen bij de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming, de RSJ.
De beklagcommissie van de commissie van toezicht behandelt klachten over organisatorische aspecten, niet over het medisch handelen zelf.
Bij cameratoezicht zijn de wettelijke voorwaarden doorslaggevend. In de uitspraak van 24 januari 2022, R-20/8147/GA, was vooraf geen advies gevraagd aan een gedragskundige of inrichtingsarts. Omdat niet bleek dat dit advies niet kon worden afgewacht, was artikel 24a lid 2 Pbw geschonden. Ook was een verkeerde wettelijke grondslag gebruikt: de gedetineerde zat in een strafcel, niet in een afzonderingscel.
Wat betekent dit voor u?
Meld voedsel- of vochtweigering aan de medische dienst en bespreek uw redenen, gezondheidsrisico’s en behandelwensen. Vraag zo nodig om een vertrouwensarts of tolk. Wacht bij vochtweigering niet met het vragen om medische beoordeling: lichamelijke achteruitgang kan snel gaan.
Laat duidelijk vastleggen wat u wilt bij bewustzijnsverlies en of familie of advocaat geïnformeerd moet worden. Bespreek wijzigingen met de arts. Een wilsverklaring verdient zorgvuldige uitleg, juist vanwege de mogelijk ingrijpende gevolgen.
Vraag bij observatie, cameratoezicht of gedwongen behandeling naar de reden en wettelijke grondslag. Voor een klacht maakt het verschil of u het medische handelen of een organisatorische beslissing aanvecht. Blijf ook na beëindiging van de staking medische begeleiding vragen voor een verantwoord herstel.
Let op
Deze pagina is geschreven vanuit de expertise van Mr. S.P.C. (Stan) Broekmans, gespecialiseerd in detentierecht bij Hameleers Antonides Advocaten. Heeft u een vraag over uw eigen situatie? Neem dan contact op; een eerste inschatting kost u niets.
Vragen over uw situatie?
Bel voor een gratis eerste inschatting of laat uw gegevens achter; u wordt zo snel mogelijk teruggebeld door een advocaat die gespecialiseerd is in detentierecht.