Kennisbank
Beklagprocedure
Hoe dient u een klacht in tijdens detentie? Lees over termijnen, bemiddeling, de beklagzitting, bewijs en beroep bij de RSJ.
Bent u het niet eens met een beslissing van de directeur van uw inrichting? Via de beklagprocedure kunt u die beslissing laten beoordelen door de beklagcommissie van de Commissie van Toezicht. Daarbij gelden korte termijnen en verschillen tussen volwassen gedetineerden, jeugdigen en ter beschikking gestelden.
Gevangeniswezen: waarover kunt u klagen?
Het beklagrecht voor volwassen gedetineerden staat in hoofdstuk 11 van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw). Artikel 60 Pbw biedt mogelijkheden om te klagen over:
- Een beslissing die de directeur, of iemand namens de directeur, over u neemt.
- Het uitblijven of weigeren van een beslissing.
- De uitvoering van een beslissing.
- Een algemene regel of situatie die botst met hogere wet- of regelgeving.
- Structurele en belangrijke tekortkomingen in de verzorgende taken van de directeur.
Niet iedere onvrede kan dus inhoudelijk worden beoordeeld. De RSJ heeft dit onderscheid in september 2023 verduidelijkt. Dezelfde beklagprocedure geldt voor gedetineerden op een AIT of in de EBI.
Medische klachten en beslissingen van anderen
Voor medische klachten bestaat een afzonderlijke procedure. Een klacht over structureel tekortschieten van de directeur in zijn verzorgende taken kan echter wel bij de beklagcommissie thuishoren. In KC2025/002 werd een klacht over langdurig onthouden van medische zorg tijdens een zwangerschap in behandeling genomen.
Een beslissing van de selectiefunctionaris valt buiten de bevoegdheid van de beklagcommissie. In KC2025/006 gold dat ook voor plaatsing op een arrestantenafdeling die rechtstreeks voortvloeide uit zo’n beslissing.
Bemiddeling
Op grond van artikel 59a Pbw kunt u mondeling of schriftelijk om bemiddeling vragen bij onvrede over gedrag of zorg door de directeur. Gedrag van medewerkers telt hierbij als gedrag van de directeur. Gaat het om een beslissing waartegen beklag mogelijk is, dan moet het verzoek uiterlijk op de zevende dag na kennisneming worden ingediend.
De maandcommissaris, een lid van de Commissie van Toezicht, probeert binnen vier weken een oplossing te bereiken. Beide partijen mogen hun standpunt toelichten. Zo nodig wordt een tolk ingeschakeld. De uitkomst wordt schriftelijk vastgelegd en zo nodig vertaald.
Justitiële jeugdinrichtingen: eigen regels
Voor jeugdigen geldt hoofdstuk 13 van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen (Bjj). Artikel 65 Bjj bepaalt tegen welke beslissingen van of namens de directeur beklag mogelijk is. Ook het nalaten of weigeren om te beslissen kan hieronder vallen. Het door de RSJ in september 2023 geformuleerde kader voor volwassenen geldt niet voor jeugdigen.
Bemiddeling voor jeugdigen en ouders
Artikel 64 Bjj geeft jeugdigen de mogelijkheid mondeling of schriftelijk bemiddeling te vragen over gedrag of zorg door de directeur. Ook hier wordt gedrag van medewerkers aan de directeur toegerekend. Bij een beslissing waartegen beklag openstaat, geldt voor het verzoek een termijn van zeven dagen na kennisneming.
De maandcommissaris streeft naar een oplossing binnen zes weken. De jeugdige en directeur kunnen hun verhaal doen; zo nodig is er een tolk. Zij ontvangen de schriftelijke uitkomst, met vertaling als dat nodig is.
De directeur moet binnen vier weken na ontvangst laten weten of hij het oordeel van de maandcommissaris deelt en welke maatregelen hij neemt. Tegen die mededeling kan de jeugdige beklag indienen.
Ook ouders, een voogd, stiefouder of pleegouders kunnen de maandcommissaris benaderen over de manier waarop de directeur zich tegenover hen heeft gedragen.
Tbs en forensische zorg
Voor ter beschikking gestelden bestaat de klachtenregeling in de Bvt. Deze vormt een eigen regeling binnen de forensische zorg. De hieronder beschreven procedure betreft volwassen gedetineerden onder de Pbw en jeugdigen onder de Bjj.
Een klacht indienen: waar, hoe en wanneer?
Stuur uw schriftelijke klacht naar de beklagcommissie van de inrichting waar de beslissing is genomen. Dat blijft de juiste commissie als u inmiddels bent overgeplaatst. Dit volgt uit artikel 61 Pbw en artikel 66 Bjj.
Een speciaal formulier is niet verplicht. Beschrijf wel duidelijk welke beslissing u aanvecht en waarom. Een onduidelijke klacht kan niet-ontvankelijk worden verklaard: de commissie beoordeelt de inhoud dan niet. Beheerst u het Nederlands onvoldoende, dan mag u in een andere taal schrijven.
Dien uw klacht uiterlijk op de zevende dag in na de dag waarop u van de beslissing hoorde. Zonder geldige reden te laat indienen leidt in beginsel tot niet-ontvankelijkheid. Eerst zelf proberen het probleem op te lossen kan een geldige reden zijn voor vertraging, maar dat wordt beoordeeld. Wacht niet tot na uw vertrek uit de inrichting met het indienen van een eerste klacht.
Intrekken van een klacht
Intrekken betekent bewust afzien van verdere behandeling. Voor volwassenen volgt uit RSJ-rechtspraak dat dit schriftelijk moet gebeuren; een later betwiste mondelinge intrekking is niet rechtsgeldig.
U kunt een termijnbrief krijgen met het verzoek binnen veertien dagen te laten weten of u behandeling wenst. Bij een vrijgelaten jeugdige kan uitblijven van een reactie in beginsel als intrekking gelden.
Een ingetrokken klacht wordt doorgaans niet heropend. Een nieuwe klacht over hetzelfde onderwerp kan wel worden behandeld als deze nog tijdig is ingediend.
Behandeling en beklagzitting
De beklagcommissie bestaat uit drie leden, ondersteund door een secretaris. Eenvoudige of direct duidelijke zaken kunnen door één beklagrechter worden afgedaan. De directeur ontvangt uw klacht om daarop te reageren; u krijgt die reactie schriftelijk.
Ook na indiening kan de klacht naar de maandcommissaris gaan voor bemiddeling. Wie als maandcommissaris over uw klacht heeft gesproken, mag niet deelnemen aan de commissie die daarover oordeelt. Bemiddeling tijdens de zitting kan eveneens, als beide partijen daarmee instemmen.
Uw rechten tijdens de zitting
De zitting vindt in de inrichting plaats en is in beginsel niet openbaar. Een zitting kan achterwege blijven als onmiddellijk duidelijk is dat de klacht niet-ontvankelijk, ongegrond of gegrond is.
Volgens artikel 64 en 65 Pbw en artikel 69 en 70 Bjj geldt onder meer:
- U en de directeur mogen uw standpunten mondeling toelichten.
- U kunt vragen opgeven die u aan de directeur of getuigen wilt laten stellen.
- U mag een rechtsbijstandverlener meenemen, of een andere vertrouwenspersoon met toestemming van de commissie.
- Bij onvoldoende beheersing van het Nederlands wordt een tolk geregeld.
Afzonderlijk horen is mogelijk. De belangrijkste inhoud van de verklaring wordt dan aan de andere partij meegedeeld. Na overplaatsing kunt u door een andere beklagcommissie worden gehoord. Dit heet een rogatoir verhoor. Daarvan komt een verslag; aanwezigheid van uw advocaat daarbij vervangt niet diens gelegenheid om ook de zitting met de directie bij te wonen.
Uitstel vragen
U, uw advocaat en de directeur kunnen om aanhouding vragen: uitstel van de behandeling. Ook de commissie kan daartoe besluiten, bijvoorbeeld voor aanvullend onderzoek. Leg uit waarom uitstel nodig is en dat u aanwezig wilt zijn. Afwezigheid van uw advocaat verplicht de commissie niet automatisch tot uitstel.
Getuigen, camerabeelden en ander bewijs
De commissie kan getuigen horen, maar een verzoek afwijzen als zij al voldoende informatie heeft. Zij kan niemand dwingen te verschijnen of naar waarheid te verklaren. Tegen de tussenuitspraak over het horen van getuigen staat geen afzonderlijk hoger beroep open.
Het ontbreken van getuigenverklaringen kan gevolgen hebben. In RSJ 30 maart 2012, 11/4331/GA, werd de verklaring van de klager aannemelijk geacht omdat de directie getuigen van het incident niet had gehoord.
Camerabeelden kunnen eveneens als bewijs dienen. Baseert de directeur een straf daarop, dan moeten de beelden beschikbaar blijven voor beklag en beroep. In RSJ 7 september 2007, 07/1466/GA, kon een beslissing niet blijven bestaan omdat de beschuldiging volledig op verdwenen beelden berustte. Camerabeelden zijn niet altijd noodzakelijk: een duidelijk, feitelijk schriftelijk verslag weegt doorgaans zwaar.
Een eerlijke mogelijkheid om op bewijs te reageren telt ook mee. In KC 2012/126 liet de beklagcommissie een proces-verbaal buiten beschouwing omdat de klager het niet mocht kennen. De straf werd onredelijk bevonden en de klager kreeg € 60 tegemoetkoming.
Schorsing: tijdelijk stoppen van de uitvoering
Tijdens uw beklagprocedure kunt u de voorzitter van de beroepscommissie van de RSJ vragen de uitvoering van de directeursbeslissing geheel of gedeeltelijk stil te zetten. Dit heet schorsing en is geregeld in artikel 66 Pbw en artikel 71 Bjj.
Een schorsingsverzoek bij de RSJ vervangt uw klacht niet. Dien dus ook een klaagschrift in bij de beklagcommissie. De voorzitter hoort de directeur voordat hij over schorsing beslist.
Uitspraak en tegemoetkoming
Volgens artikel 67 Pbw en artikel 72 Bjj moet de commissie binnen vier weken na ontvangst uitspraak doen. Bij bijzondere omstandigheden kan zij met maximaal vier weken verlengen. U en de directeur krijgen daarvan bericht. Overschrijding heeft op zichzelf geen rechtsgevolgen.
De mogelijke uitkomsten zijn:
- Niet-ontvankelijk: de inhoud wordt niet beoordeeld, bijvoorbeeld wegens te late indiening.
- Ongegrond: de beslissing doorstaat de toets aan de toepasselijke regels en belangen.
- Gegrond: de beslissing is strijdig met toepasselijke wettelijke of verdragsregels, of is na belangenafweging onredelijk of onbillijk.
Bij gegrondverklaring kan de commissie de beslissing geheel of gedeeltelijk vernietigen, zelf een vervangende beslissing geven of de directeur opnieuw laten beslissen (artikel 68 Pbw en artikel 73 Bjj). Gevolgen moeten waar mogelijk worden hersteld. Kan dat niet, dan beoordeelt de commissie of een tegemoetkoming passend is; deze kan uit geld bestaan.
U krijgt kosteloos een gemotiveerde uitspraak met informatie over beroep. Zo nodig wordt een vertaling geregeld. Een mondelinge uitspraak wordt bij beroep alsnog schriftelijk uitgewerkt. Openbaar gemaakte uitspraken mogen uw identiteit niet prijsgeven.
Veel klachten indienen is niet snel misbruik. Grootschalig herhalen van dezelfde niet-ontvankelijke of ongegronde klachten kan wel tot niet-ontvankelijkheid leiden.
Beroep bij de RSJ en wraking
U en de directeur kunnen beroep instellen bij de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ). De termijn is zeven dagen na ontvangst van de schriftelijke uitspraak of na de mondelinge uitspraak (artikel 69 Pbw en artikel 74 Bjj).
Leg uit waarom u de uitkomst inhoudelijk bestrijdt. Alleen procedurefouten noemen is bij volwassen gedetineerden onvoldoende. Aan een beroepschrift van een gedetineerde stelt de RSJ minder zware eisen dan aan dat van een advocaat of directeur. De beroepscommissie kan schriftelijk behandelen en de uitspraak bevestigen of vernietigen, of het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
Beroep stopt de uitvoering niet automatisch, behalve voor de toegekende tegemoetkoming. Afzonderlijk schorsing vragen is mogelijk op grond van artikel 70 Pbw of artikel 75 Bjj.
Bij concrete aanwijzingen voor partijdigheid kunt u een behandelend RSJ-lid wraken op grond van artikel 31 Instellingswet Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming. De behandeling wordt dan stilgezet. Berust het lid niet in de wraking, dan beslist een aparte wrakingskamer. Tegen die beslissing staat geen rechtsmiddel open. Herhaalde verzoeken vereisen nieuw bekend geworden omstandigheden; misbruik kan verdere verzoeken blokkeren. De Pbw bevat geen wrakingsregeling voor de beklagcommissie zelf.
Artikel 33 van dezelfde Instellingswet geeft de procureur-generaal bij de Hoge Raad de mogelijkheid cassatie in het belang der wet in te stellen tegen RSJ-uitspraken.
Wat betekent dit voor u?
Noteer wanneer u van de beslissing hoorde en dien uw klacht tijdig bij de juiste commissie in. Beschrijf concreet wat er is besloten, waarom u het daarmee oneens bent en welk bewijs relevant is. Vraag zo nodig om bewaring van camerabeelden, getuigen, een tolk of rechtsbijstand. Wilt u verdere behandeling, reageer dan op een termijnbrief. Let na de uitspraak meteen op de beroepstermijn, ook als de uitspraak mondeling is gedaan.
Let op
Deze pagina is geschreven vanuit de expertise van Mr. S.P.C. (Stan) Broekmans, gespecialiseerd in detentierecht bij Hameleers Antonides Advocaten. Heeft u een vraag over uw eigen situatie? Neem dan contact op; een eerste inschatting kost u niets.
Vragen over uw situatie?
Bel voor een gratis eerste inschatting of laat uw gegevens achter; u wordt zo snel mogelijk teruggebeld door een advocaat die gespecialiseerd is in detentierecht.